Voor het verwijderen van micro-organismen uit water bestaan verschillende technieken. Een daarvan is langzame zandfiltratie. Begin februari organiseerde Het Waterlaboratorium een workshop over deze techniek.
De bijeenkomst had een tweeledig doel: kennis delen over de huidige stand van zaken rond langzame zandfiltratie en kijken naar toekomstige ontwikkelingen. De deelnemers waren afkomstig van PWN, Waternet en Dunea, de drie drinkwaterbedrijven waar Het Waterlaboratorium voor werkt.
Collegiaal overleg
Waternet en Dunea gebruiken langzame zandfiltratie al lang en daar zijn expert in. Tijdens de workshop wisselden ze ervaringen uit over operationele onderwerpen. Zo hebben beide bedrijven via verschillende methodes getest hoe de bovenste laag van het filter het beste kan worden verwijderd wanneer dit verzadigd is. “Andere gespreksonderwerpen waren experimenten met de grootte van zandkorrels en manieren om het filtratieproces nog stabieler te maken”, vertelt Anna Doloman, senior adviseur biologische waterkwaliteit bij Het Waterlaboratorium.

Biologische stabiliteit
PWN heeft in 2025 via een proefinstallatie in Andijk een pilot gehouden met kleinschalige langzame zandfiltratie. Inzet op grotere schaal zou de biologische stabiliteit van het drinkwater kunnen verbeteren. PWN-T, de organisatie die het drinkwaterbedrijf helpt met onderzoeksvragen, gaf een presentatie over de uitkomsten.

Van elkaar leren
Er was intensieve discussie, merkte Anna: “Als je met experts om tafel zit, kun je diep de inhoud ingaan om van elkaar te leren. Zij stelden over en weer vragen als: ‘Waarom hebben jullie dit zand gekozen?’ of ‘Waarom hanteren jullie dit debiet voor het zandfilter?’ Na afloop gaven de deelnemers aan dat ze graag meer van dit soort workshops willen. Voor ons is dat ook nuttig, omdat het inzicht biedt in specifieke vragen van drinkwaterbedrijven. Dat helpt om te bepalen hoe we hen nog beter kunnen ondersteunen.”
Tijdens break-outsessies werden ideeën opgeschreven voor vervolgonderzoek. Anna: “Die hebben we verzameld en we delen ze binnenkort met de deelnemers om te achterhalen welke ze het eerst aangepakt willen zien.”
Membraan of zand
In de watersector is debat gaande over biologische zuivering via langzame zandfiltratie versus membraanfiltratie – een mechanische methode. Anna: “Filteren met behulp van membranen vraagt minder ruimte. Daarmee kun je op een kleiner oppervlak veel meer water zuiveren. Het nadeel is dat membranen behalve bacteriën en virussen ook zouten en mineralen wegfilteren. Je moet het water daarna re-mineraliseren om er drinkwater van te maken. Langzame zandfiltratie levert een stabielere en meer betrouwbare waterkwaliteit op. Bovendien is, in tegenstelling tot membraanfiltratie, geen andere stap meer nodig. Na filtratie in het zandbekken is het water rechtstreeks drinkbaar.”
Uit de feedback na de workshop maakt ze op dat langzame zandfiltratie een robuuste keuze blijft: “Deze drie drinkwaterbedrijven zien er grote voordelen in. Zeker in de huidige geopolitieke situatie is het een energiezuinige, technisch eenvoudige en stabiele methode van waterzuivering die een goed resultaat oplevert.”

